| Mediation – Nieuws oktober / november | ©
2004 Result Mediation | Archief |
Voorwoord
In deze nieuwsbrief vertelt mevrouw mr
Els Salverda wat de plannen van Justitie zijn met mediation.
Die plannen zijn veelbelovend: van 1 januari volgend jaar
zullen rechters en juridische loketten daarvoor geschikte
conflicten doorverwijzen naar mediators.
Daarmee rust op de beroepsgroep mediators meer dan ooit
de taak om zich waar te maken; om kwesties via mediation
zo tot een oplossing te brengen dat alle betrokken partijen
er de meerwaarde van ervaren. Dat vereist kwaliteit.
Prof. mr Alex Brenninkmeijer was graag bereid in deze nieuwsbrief
zijn visie te geven op de kwaliteit van mediation in Nederland.
De casus geeft dit keer inzicht in het verloop van een mediation
bij een arbeidsconflict.
Vervolgens vertellen twee van de veertig mediators van Result
Mediation over hun achtergrond. Ze zijn allebei jurist,
de een heeft werkervaring als burgemeester, de ander in
de luchtvaart, en allebei zijn het hoogvliegers in mediation,
met een passie voor mensen en voor kwaliteit. |
Top |
|
Justitie en mediation
Enkele vragen aan mevrouw mr
Els Salverda, landelijk coördinator mediation in de
gefinancierde rechtsbijstand.
Wat is Justitie van plan met mediation?
Justitie wil de bekendheid met en het gebruik van mediation
bevorderen.
Hoe denkt Justitie mediation te bevorderen?
Het ligt in de bedoeling dat vanaf 1 januari 2005 de gerechten
en de juridische loketten de hiervoor geschikte conflicten
doorverwijzen naar mediation. Daarnaast gaat Justitie voorlichting
geven over de (on)mogelijkheden van mediation.
Hoe ziet u de toekomst van mediation in Nederland?
Ik verwacht dat door meer bekendheid men steeds vaker voor
mediation zal kiezen. Hiervoor is het wel van belang dat
er goed wordt doorverwezen en mediation op een kwalitatief
hoog niveau wordt aangeboden. |
Top |
|
Kwaliteit
van mediation
Prof. Brenninkmijer ziet toekomst van
mediation rooskleurig in:
“Het is nu een kwestie van kwaliteit en tijd”
Interview met Prof. mr
A.F.M. Brenninkmeijer over de kwaliteit van mediation in
Nederland. Professor Brenninkmeijer is hoogleraar Staats
en Bestuursrecht aan de Rijks Universiteit Leiden en bekleedt
tevens de Albeda-leerstoel voor arbeidsverhoudingen en ADR
(Alternative dispute resolution).
Wat is uw rol op het gebied van kwaliteit en
mediation?
In de eerste plaats ben ik op verschillende manieren betrokken
bij het kwaliteitsproject van het Nederlands Mediation Instituut.
Het NMI heeft mij gevraagd om een onderzoek in te stellen
naar de basiskennis van de mediator. Vervolgens heb ik gewerkt
aan de ontwikkeling van de kennistoets die De Norske Veritas
hanteert voor de certificering van mediators. Ik ben ook
lid van de toestingscommissie die verantwoordelijk is voor
de theorie en de praktijktoets. In de tweede plaats zie
ik voor mij als wetenschapper een rol weggelegd bij het
versterken van de kwaliteit van mediation in Nederland.
Naast het ontwikkelen van een state of the art
Handboek mediation en sinds kort het opleidingboek Mediation
en verwijzen, zie ik het als een belangrijk doel om
kennis over mediation te verzamelen en te verspreiden. Mijn
ideaal is een kenniscentrum voor Altenative Dispute Resolution.
Daarbij gaat het om het vermijden van procedures voor de
overheidsrechter. Daarnaast zie ik de ontwikkeling van een
Mastersopleiding mediation bij het Amsterdams ADR Instituut
als een belangrijke impuls om de kwaliteit van mediation
verder te verhogen.
Wat vindt u van de kwaliteit van mediators in
Nederland?
Deze vraag is in zijn algemeenheid niet goed te
beantwoorden. De kwaliteit van mediators berust naast kennis
ook op de mediatonvaardigheid, die weer afhankelijk is van
ervaring. Ik denk dat voor de kwaliteit van een mediator
primair het aantal afgeronde succesvolle mediatons telt.
Voorts telt de zorgvuldigheid en dan kijk ik naar het resultaat
op langere termijn: zijn partijen dan nog steeds tevreden
en zijn er juridisch geen brokken gemaakt? Hier in Nederland
komt mediation - net als elders - komt mediation langzamer
van de grond dan velen hopen en verwacht hebben. Daarom
schort het bij velen aan praktijkervaring. Ik vind dat voor
de opgeleide mediators die aan de kant staan wel zuur, maar
geduld en uithoudingsvermogen is vereist.
Waar moet men op letten bij de keuze van een
mediator?
Primair kijk ik naar ‘past performance’: hoeveel
mediatons heeft iemand gedaan en hoeveel daarvan succesvol?
Ten tweede is de aansluiting bij de doelgroep van belang.
Die aansluiting kan samenhangen met kennis van een bepaald
vakgebied (bij voorbeeld bouw of ICT, of arbeid, of milieu),
maar ook aansluiting bij een bepaalde doelgroep. Een maatschap
van medici heeft een andere cultuur dan een ploeg buschauffeurs.
Een mediator kan wel een sociale kameleon zijn, maar er
zijn natuurlijk grenzen. Ik denk dat op den duur de affiniteit
met (en deskundigheid op) een bepaald soort terrein van
groot belang zal zijn. Ten derde kijk ik naar de opleiding.
Iets wat in zes dagen wordt bijgebracht biedt onvoldoende
garantie voor kwaliteit. De lat voor ‘de mediator’
moet véél hoger liggen. Daarom vind ik het
kwaliteitsprogramma van het NMI noodzakelijk. Ook de verdieping
van de opleiding en permanente educatie zijn een must.
Wat is de invloed van de kwaliteit van de mediators
op de ontwikkeling van mediation in Nederland?
Dit is een belangrijke vraag, maar tegelijkertijd een open
deur. Mediation ontmoet nog veel weerstand: enerzijds vanwege
onbekendheid met dat wat mediation echt is (dus méér
dan bemiddelen) en anderzijds vanwege het amateurisme dat
soms onder de naam mediation wordt aangeboden. Ik ken verhalen
over min of meer rampzalige situaties na slechte mediatons.
De vertellers van deze verhalen maken negatieve reklame,
die de ontwikkeling van mediation remt. Ik vind dat onervaren
mediators ervoor moeten waken om zich als mediator op te
dringen.
Hoe ziet u dat in de toekomst
Zonnig, want ik ben een optimist. Ik ben betrokken bij veel
mediationprojecten en ik zie dat mediation ‘leeft’.
Op veel plaatsten slaat mediation aan. Het werkt. Binnen
organisaties en ondernemingen is een groeiend besef dat
met de inzet van mediation een efficiency slag gemaakt kan
worden. Men wil het wel uitproberen en op veel plaatsen
gebeurt dat op deskundige wijze, met bij voorbeeld een systematische
evaluatie. De introductie van mediation is een leerproces,
niet alleen voor mediators, maar ook voor de betrokken organisaties.
De plannen van minister Donner voor court annexed mediation
en mediation in de rechtshulp bij het juridisch loket vormen
een belangrijke katalysator. De Nederlandse cultuur schept
als vanzelf ruimte voor mediation. Het is nu een kwestie
van kwaliteit en tijd.
Wat is volgens u de belangrijkste ontwikkeling
binnen mediation?
Men past mediation meer en meer toe. Dat zie je binnen ondernemingen
en organisaties op uiteenlopende maatschappelijke terreinen
(banken, gezondheidszorg, woningbouwverenigingen, overheden
en bij P&O en HRM-beleid meer in het algemeen). Dat
is een goede ontwikkeling. Mediation professionaliseert,
mede doordat meer aandacht komt voor de inpassing van mediation
in organisaties. Je kunt mediation niet van de grond krijgen
door ergens op een kamerdeur een bordje met ‘mediator’
te schroeven en wat folders rond te delen. De verwijzingsfunctie
is bij voorbeeld essentieel. Daarom heb ik daarover een
boek geschreven, speciaal gericht op grote groepen toekomstige
verwijzers, bij voorbeeld in personeel en organisatie, de
gezondheidszorg en de juridische dienstverlening. De ander
kant van de professionalisering betreft het aanbod van hoogwaardige
mediation. Ook daarbij komt méér kijken dan
een visitekaartje met daarop ‘mediator’. De
mediator moet kwaliteit hebben en die kwaliteit kunnen tonen
met een kwaliteitssysteem. Als gezegd, daarbij telt de kwaliteit
en duurzaamheid van het resultaat. |
Top |
|
De casus:
exit-mediation
Bemiddeling in arbeidsconflict
resulteert in exit-mediation
Jan werkt al 30 jaar voor een organisatie. In deze organisatie
komt een nieuwe functie-indeling, waardoor de functie van
Jan opnieuw moet worden beschreven. In de ogen van het management
is bij de functie van Jan enige onduidelijkheid ontstaan,
omdat Jan er in de loop van de tijd allerlei taken bij heeft
gekregen en genomen die inmiddels organisatorisch niet goed
meer passen. Feitelijk komt de functiebeschrijving voor
Jan neer op een reorganisatie waarbij hij een aantal taken
zal kwijtraken.
In de periode dat de zaak speelt treden complicaties op:
Jan krijgt tijdelijk een nieuwe manager en hij wordt door
een hartaanval getroffen. Er volgt een periode van uitval.
Als er gesproken moet worden over reïntegratie van
Jan, blijkt dat zijn oude functie niet meer bestaat en dat
hij bezwaar heeft tegen de nieuwe functie. Jan voelt bovendien
de reorganisatie als een directe kritiek op zijn functioneren.
Er dreigt een onwerkbare situatie te ontstaan. De Arbo-arts
raadt mediation aan.
Bij het gesprek is naast Jan de directe leidinggevende van
Jan betrokken. Het blijkt dat Jan altijd een zeer gewaardeerde
medewerker is geweest en dat hij inmiddels vier grote reorganisaties
heeft meegemaakt, waar hij altijd loyaal aan heeft meegewerkt.
Dit keer voelt hij zich echter persoonlijk geraakt. Bij
doorvragen blijkt dat hij de nieuwe functiebeschrijving
en het weghalen van taken bij hem ziet als een ernstige
vorm van kritiek. Hij vindt bovendien dat het hem allemaal
op een onbehoorlijke manier is verteld. Zijn manager beaamt
dat zijn vervanger Jan niet kende en dat er in de communicatie
fouten zijn gemaakt.
Door het open gesprek waarin het vertrouwen groeit –
hoewel het tussendoor ook een aantal keren helemaal wegvalt
– ontstaat er uiteindelijk een sfeer waarin Jan kan
toegeven dat hij altijd op z’n tenen heeft gelopen.
Zijn hartaanval heeft hem doen beseffen dat dat afgelopen
moet zijn. Eigenlijk zou hij het liefst stoppen, maar dat
verbiedt z’n trots. Daarnaast maakt hij zich zorgen
over de financiën.
In het tweede gesprek, waarin de emoties ten aanzien van
het verleden hoog oplopen, zit de vertegenwoordiger van
PZ mee aan tafel. Nu niet alleen de frustratie over het
verleden zijn uitgesproken, maar Jan z’n belang ook
op tafel heeft weten te leggen, kan over het belang van
het bedrijf makkelijker gesproken worden.
De oplossing voor alle partijen wordt gevonden in een maatwerk
exit-regeling waardoor Jan na een overbruggingsregeling
van de pré-vutregeling gebruik kan maken.
Na twee gesprekken, waarbij totaal zes uur is gesproken,
wordt ter plekke een overeenkomst opgesteld waarin de afspraken
worden vastgelegd.
Het blijkt bij mediation in arbeidsconflicten vaak dat één
van de partijen zich wel realiseert dat vertrek beter is
dan blijven. De eerste stap wordt echter niet gezet, omdat
dat als gezichtsverlies wordt gevoeld. Ook wil men niet
degene zijn die daarover begint. Het belangrijkste is echter
dat men stoom moet afblazen, voordat de onderliggende beweegredenen
aan de oppervlakte komen. Door de hulp van de mediator kan
dat laatste zonder dat dat tot een situatie leidt waarin
over een exit-regeling niet meer goed te praten valt. De
mediation voorkomt dat er een slepend conflict ontstaat.
Dankzij mediation kan er vrij snel tot de kern van het probleem
worden doorgedrongen en daarmee komen oplossingen eerder
in zicht.
mr Walther van Hulten
Mediator Result Mediation |
Top |
|
| De Result
Mediator |
mr
Ida Bleeker
Wat is uw achtergrond?
Jurist. Mijn werkervaring ligt in de medische sector
en in de overheidssector. Als lokaal bestuurder heb
ik 13 jaar ervaring. Eerst als wethouder en later
als burgemeester.
Wanneer bent u in aanraking gekomen met
mediation?
Tijdens mijn werk bij overheid merkte ik op dat bij
het oplossen van problemen er veel te winnen valt
bij een àndere aanpak dan de veelal traditionele
wijze van beroep en bezwaar tegen de overheid en bij
bezwaren van derden. Ook biedt mediation in het personeelsbeleid
dìe voordelen zoals dat bij elk ander bedrijf
het geval kan zijn. Een open houding en rekening houden
met belangen van werkgever en werknemer biedt bij
oplossing van problemen een beter perspectief voor
elk der partijen dan posities innemen en je gelijk
halen. Daarom verdiepte ik mij in mediation.
Met welke mediationzaken heeft u de meeste
affiniteit?
In overheidsberoepzaken is er bij derden bezwaren
veelal sprake van een verstoorde relatie tussen buren.
Vooral buren- bemiddeling heeft, althans voorlopig,
mijn bijzondere aandacht. |
mr
Dick van der Meer
Wat is uw achtergrond?
Ik ben bedrijfsjurist. Meer dan 25 jaar alweer werk
ik bij KLM in diverse juridische functies. Ik heb
ervaring met arbeidsrecht, sociale verzekeringen,
algemeen bestuursrecht, contractenrecht en natuurlijk
luchtrechtelijke onderwerpen. Daarnaast heb ik veel
kennis opgedaan van arbeidsregelingen (arbeidsvoorwaarden,
CAO’s, sociale plannen). Verder heb ik mij verdiept
in het verloop van besluitvormings- en onderhandelingsprocessen.
Wanneer bent u in aanraking gekomen met
mediation?
Een aantal jaren geleden werd mij steeds duidelijker
dat de traditionele juridische oplossing niet altijd
de beste oplossing betekent. Vooral in individuele
arbeidszaken en bij reïntegratie wordt het vaak
een geldkwestie, zonder dat de werkelijke belangen
van beide partijen aan bod komen. Oplossingen krijgen
daardoor vaak een voorspelbaar karakter, terwijl geen
van de betrokkenen tevreden is met de uitkomsten.
Met welke mediationzaken heeft u de meeste
affiniteit?
Dat zijn toch vooral de reïntegratie- en arbeidszaken.
Het zoeken naar oplossingen die rekening houden met
wat beide partijen écht willen, is daarbij
de uitdaging. De laatste tijd zijn daar ook mediations
tussen een overheidsinstantie en een burger bijgekomen,
omdat er vaak méér oplossingsruimte
blijkt te zijn dan de bestuurlijke regels lijken te
bieden. Dat biedt weer een bijdrage aan de relatie
tussen burger en overheid. |
|
Top |
|
Result Mediation in
het nieuws
Persbericht
Amsterdam, 2 augustus 2004
Result Mediation kiest voor LaComunidad Interactive
Nederlands grootste organisatie in conflictbemiddeling Result
Mediation, met vestigingen in twaalf steden, heeft na een
pitch waaraan drie bureaus deelnamen gekozen voor interactief
communicatiebureau LaComunidad.
Naast de ontwikkeling van de marketing communicatie strategie,
zal LaComunidad Result Mediation strategisch advies geven
op het gebied van databasemarketing en ondersteuning bij
zoekmachine- en emailmarketing.
Felix Merks, algemeen directeur van Result Mediation licht
toe: “Result Mediation heeft het afgelopen jaar een
snelle groei doorgemaakt en wil deze lijn de komende jaren
graag voortzetten. LaComunidad is een bureau dat onze doelstellingen
begrijpt en met haar praktijkervaring op interactief marketing
gebied veel toegevoegde waarde kan bieden”.
LaComunidad directeur Igor Beuker geeft aan: “Tijdens
de pitch bleek dat Result Mediation prijs stelt op de ontwikkeling
van interactieve en waardevolle relaties met haar doelgroep.
Aan die ambities geven wij graag invulling”.
De eerste resultaten van de samenwerking moeten al in augustus
2004 gestalte krijgen.
Over Result Mediation
Result Mediation is een professionele mediation organisatie,
met vestigingen in twaalf steden. De veertig mediators van
Result Mediation zijn allen jurist met jarenlange ervaring
in diverse werkkringen. Opdrachtgevers van Result Mediation
zijn, onder meer, rechtsbijstandverzekeraars, arbodiensten,
reïntegratiebedrijven, woningbouwcorporaties, advocatenkantoren
en P&O afdelingen van bedrijven. Result Mediation werkt
volgens de gedragsregels zoals deze ontwikkeld zijn door
het NMI, het Nederlands Mediation Instituut. Meer informatie
op: www.resultmediation.com.
Over LaComunidad Interactive
LaComunidad is een onafhankelijke bureau voor interactieve
marketing communicatie. Met een passie voor het analyseren
van trends en jongeren marketing. LaComunidad ontwikkelt
met interactieve concepten waardevolle relaties tussen merken
en mensen. Meer informatie: www.lacomunidad.nl.
|
Top |
|
 |
|